1207 en andere betalende diensten: geen verrassingen meer op de telefoonfactuur
Een telefoontje om een telefoonnummer op te zoeken kan bij ontvangst van de factuur voor een onaangename verrassing zorgen. Om ervoor te zorgen dat iedereen vooraf weet hoeveel de oproep zal kosten, voeren Vanessa Matz, minister van Modernisering van de Overheid, belast met Telecommunicatie, en Rob Beenders, minister van Consumentenbescherming, nieuwe transparantieverplichtingen in. Betalende telefooninlichtingendiensten, zoals 1207, zullen aan het begin van de oproep het hoogste toepasselijke tarief moeten meedelen. De aanrekening mag pas na een geluidssignaal beginnen, zodat iedereen de mogelijkheid heeft om kosteloos in te haken.
Het telefoonnummer van een arts, een handelszaak of een overheidsdienst vinden, gebeurt niet altijd via een zoekopdracht op het internet. Voor veel mensen, onder wie ouderen en mensen die minder vertrouwd zijn met digitale hulpmiddelen, blijven telefooninlichtingendiensten een eenvoudige manier om informatie te krijgen. Zij moeten van die diensten gebruik kunnen maken zonder geconfronteerd te worden met kosten waarvan ze het bestaan of het bedrag niet kenden.
“Telefonisch informatie opvragen blijft voor veel mensen een reflex en soms een noodzaak. Zij moeten dat in alle vertrouwen kunnen doen. De ontwikkeling van onlinediensten mag ons niet doen vergeten dat sommige mensen een andere toegang tot informatie nodig hebben. De prijs duidelijk aankondigen en mensen de keuze laten om het gesprek voort te zetten, biedt essentiële bescherming, zeker voor wie minder vertrouwd is met digitale toepassingen”, benadrukt Vanessa Matz, minister van Modernisering van de Overheid, belast met Telecommunicatie.
Een gratis tariefmelding, gevolgd door een geluidssignaal
De kosten van deze diensten worden rechtstreeks op de telefoonfactuur aangerekend en zijn op het moment van de oproep niet altijd bekend. Afhankelijk van het toepasselijke tarief kan een gesprek van enkele minuten dan ook een aanzienlijk bedrag kosten.
Aan het begin van de oproep zal een bericht het hoogste toepasselijke tarief moeten meedelen, aangezien de prijzen onder meer naargelang de operator kunnen verschillen. Het bericht zal ook moeten vermelden dat de aanrekening na het geluidssignaal begint. De beller kan zo kennisnemen van de prijs en kosteloos inhaken als die het gesprek niet wil voortzetten. Pas na het geluidssignaal wordt de dienst betalend.
“Iedereen die een inlichtingendienst belt, moet vooraf weten hoeveel dat kan kosten. Afhankelijk van de operator kan een minuut tussen 0,30 en 3 euro kosten. Een gesprek van vijf minuten kan dus oplopen tot 15 euro. Met deze nieuwe regels zal de prijs moeten worden meegedeeld voordat de oproep betalend wordt. De consument kan zo met kennis van zaken beslissen om het gesprek voort te zetten of in te haken”, legt Rob Beenders, minister van Consumentenbescherming, uit.